20 juni, 2019

'Handhaving is óók het voorkomen dat mensen strafbare dingen doen'

In het onlangs vastgestelde nieuwe handhavingsbeleid van de gemeente Voorst krijgt preventie een veel nadrukkelijker rol dan voorheen. Opmerkelijk voor een team dat repressie als belangrijkste taak heeft. Over het hoe en waarom van deze verschuiving praat ik op een zonnige woensdagochtend met één van de opstellers van het beleid, Herman Oussoren, juridisch beleidsadviseur bij de vakgroep Veiligheid en Handhaving. Gekleed in blauwgrijs shirt en lichte spijkerbroek, leunt hij ontspannen achterover in zijn stoel. Op opgewekte toon praat over zijn werk, drijfveren en idealen.

Elke dag fietst hij op zijn e-bike naar Twello. “Ik heb mijn e-bike nu zo’n 7 jaar. In het begin werd er wat lacherig over gedaan als ik daar, als relatieve jongere, mee kwam aanrijden. Maar nu is het heel gewoon.” Herman groeide op in een christelijk gezin, zijn vader was predikant. “Mijn christelijke wortels hebben zeker hun weerslag op wie ik nu ben. Ik wil graag het beste van mezelf neerzetten. Voor mij hoort daarbij dat ik me kwetsbaar opstel. Dat ik ideeën van anderen toelaat en het niet erg vind als mensen een andere mening zijn toegedaan. Het voorkomt tunnelvisie. Ook zelfspot hoort daar bij.”

Herman begon zijn loopbaan in het archief. Bij verschillende gemeentes verrichtte hij documentatiewerk. Gaandeweg merkte hij dat hij meer spanning en uitdaging in zijn werk nodig had. Hij verdiepte zich in de inhoud van de archieven. Startte met opleidingen in het recht. En maakte bij de gemeente Voorst in 2008  de overstap van het archief naar handhaving. Aanvankelijk deed hij vooral juridisch werk, later kwam daar het beleidswerk bij. Nu is daar het nieuwe handhavingsbeleid voor de periode 2019-2022.

Nieuw beleid handhaving
“Dat wat niet door de beugel kan, moeten we laten herstellen of desnoods bestraffen. Dat wordt niet anders, daar zijn we handhavers voor. Maar laten we er vooral voor zorgen dat we voorkomen dat mensen strafbare dingen doen. En dat vraagt een andere manier van werken. We willen meer preventief werken. Om twee redenen. Eén: we willen graag met onze inwoners meedenken. Vaak hebben mensen geen kwade bedoelingen, maar kennen ze de regels niet of willen ze iets dat niet binnen de regels past. Dan kunnen we wachten tot iemand iets doet wat niet mag en hem daarvoor beboeten. We kunnen ook in gesprek, en soms al voordat mensen tot actie overgaan, en kijken of de wensen van de inwoner wellicht toch passen binnen de wetgeving.

En twee: als je op de repressieknop drukt, zet je onbedoeld allerlei nevenknoppen aan die nog meer negatieve gevolgen hebben voor mensen. De consequenties staan niet in verhouding tot het vergrijp dat ze plegen. Als een dominorij vallen steentjes om als wij de eerste een zetje geven. Als dat negatieve maatschappelijke effecten heeft, moet je dat zien te voorkomen.”

Proces van jaren
“Toen ik in 2008 bij het team Handhaving kwam, volgden we een conservatieve lijn: mensen aanpakken als ze iets onoorbaars deden. Dat was ook mijn persoonlijke opvatting. Herstellen die handel, straffen en verder niks. Maar door ervaringen, het volgen van landelijke trends en het lezen van vakliteratuur kwam ik er achter dat alleen maar hard zijn niet voorkomt dat mensen in overtredingen vallen.

Toen bijvoorbeeld in de regio het verbod op permanente bewoning van recreatiewoningen meer werd gehandhaafd, kozen veel gemeenten voor een harde lijn. Mensen moesten voor een bepaalde datum uit de woning zijn. En zo niet, dan konden ze rekenen op een fikse boete. Op recreatiepark De Scherpenhof kozen wij voor een net andere benadering. Eerst maar eens in gesprek met bewoners. De situatie werd er niet veel anders van: bewoners van recreatiewoningen moesten verhuizen. Maar we deden nog iets anders: we boden ook onze hulp aan bij het zoeken naar een oplossing. Het gevolg was dat de hele operatie redelijk vloeiend ging, terwijl in andere gemeenten de conflicten soms hoog opliepen. Dat zette me wel aan het denken.

Voorst onder de Loep versterkte mijn veranderde blik. De grondige aanpak, het van onderop problemen aanpakken en dat met een brede kijk. Dat sprak mij aan. Het mooist is het neveneffect: dat je mensen meekrijgt in anders denken. Dat werkt als een olievlek.

Een verandering was ook wel nodig. Bij Handhaving heerste wat frustratie. Begrijpelijk ook. We voerden de regels uit die de gemeenteraad en het college hadden gesteld. Om vervolgens relatief vaak te worden teruggefloten door dezelfde politieke en bestuurlijke organen. Dat wekte onbegrip, want waarom zou je regels maken die je niet handhaaft. Toen zijn we eens gaan onderzoeken: waarom werden we zo vaak teruggefloten? Is daar een lijn in te vinden? Ja, zo bleek. De portefeuillehouder handhaving liep al voorop in het denken vanuit de bedoeling in plaats van vanuit de regels. Daarbij wel bedenkend: kan ik dit nog uitleggen aan iedereen?  Ook vanuit de raad en het college bestond impliciet de wens om er met betrokken inwoners uit te komen in plaats van om zonder meer - en eigenlijk onnadenkend - de regels van de wet naar de letter te volgen.

Dus nu zijn we veel meer in gesprek met mensen. Zo voldeed een schuur in het agrarisch gebied niet aan de eisen. Vroeger waren we daar met Handhaving vol ingegaan, nu praten we eerst met de initiatiefnemers door vooral eerst vragen te stellen: hoe komt het dat dit zo is gegaan? We benoemen uiteraard wat niet mag en niet is uit te leggen aan anderen, maar vragen ook naar de wensen van de initiatiefnemers. En dan kijken we of we mensen tegemoet kunnen komen binnen de marges die er binnen regelgeving bestaan, rekening houdend met de omgeving en omwonenden.”

Bredere aanpak
“We werken nu vaker en beter samen met andere afdelingen van de gemeente of met andere organisaties. Als we iets onoorbaars tegenkomen en in een gesprek met de betrokkene merken dat hij/ zij financiële problemen heeft, zoeken we naar een oplossing. We brengen de betrokkenen in contact met hulpverleners. Door als team over je eigen grenzen heen te kijken help je inwoners veel beter, maar het is soms ook lastig. ‘Raken we zo onze autonomie niet kwijt?’ is een voorbeeld van een vraag die dan boven tafel komt.

Maar laten we kijken naar het belang van de inwoner. Niet ‘wat zijn de regels’, maar ‘wat is de bedoeling’, zoals hier in het gemeentehuis op de muismatjes staat. Deze organisatievisie onderschrijf ik. Hoe kunnen we, uiteraard binnen de regels en vanuit rechtsgelijkheid en een goede omgevingskwaliteit, inwoners faciliteren in hun wensen? Die benadering vraagt een cultuuromslag.

De omslag vraagt andere vaardigheden van onze vakgroep. Procedures goed kunnen volgen is belangrijk, maar in eerste instantie gaat het om de communicatie. Luisteren, vragen stellen, je openstellen voor de ander. Bij het aannemen van nieuwe mensen selecteren we op deze vaardigheden.”

Lange adem
“Het nieuwe handhavingsbeleid is een voortvloeisel van de richting die we al zijn ingeslagen en geeft hopelijk een extra impuls aan de beweging. Ik geloof niet in revoluties, maar in organische veranderingen. Die hebben tijd nodig en dat is niet erg. Uiteraard heb ik ook wel eens mijn frustraties. Ik ben enthousiast over de voorgestane aanpak en wil vol gas verder. Maar niet iedereen wil dat en dat is maar goed ook. Herman Tjeenk Willink stelt in zijn recente boek ‘Groter denken, kleiner doen‘ dat de overheid niet zonder argumenten en tegenargumenten kan. Nieuw beleid heeft tegenhang nodig.”

Trots op innovatie
“Op sommige punten zijn we heel innovatief bezig. Kijk naar het beleid rondom drugsproductie. Woningen sluiten is het dominante devies in Nederland. Hard aanpakken werkt preventief voor anderen en ook voor criminelen, is het idee. In Voorst kijken we daar genuanceerder naar. Vaak is de bewoner van het huis iemand met geldzorgen. Criminelen hebben het op deze mensen voorzien en verleiden hen tot hennepteelt. Worden ze daarop betrapt, dan is de boot aan. Mensen moeten hun huis uit, maar de maandelijkse vaste lasten lopen door, een gevangenisstraf of boete volgt, Liander verhaalt kosten en ga zo maar door. Mensen in nood geraken alleen maar verder van huis. En worden dan nóg kwetsbaarder voor criminelen.

De burgemeester kiest daarom in specifieke gevallen voor een last onder dwangsom. Die heeft een niet-vrijblijvende, financiële prikkel om niet in herhaling van overtredingen te vallen. En met succes. Uit controles blijkt dat de recidive vooralsnog 0% is. Je voorkomt dat mensen verder in de problemen raken. We brengen mensen in contact met organisaties die hen kunnen helpen bij het oplossen van hun geldzorgen. Als zo’n maatregel effectief blijkt, ben ik daar echt wel trots op. 

Net als op de vakgroep waarin we nu werken. Met een nieuwe senior en medewerkers waarmee we aan onze lange termijndoelen werken. En dat doen we met zijn allen. In de regio worden we gevraagd om presentaties te geven over onze meer preventieve aanpak. Het is fijn om te merken dat we daarbij andere gemeentes deze positieve impuls kunnen meegeven.

Processen gaan vaak trager dan ik wil en anders dan ik wil. Maar alleen al door je uit te spreken, heb je invloed. Er is dus winst. Ook al lijkt iets voor geen meter te landen, een zaadje is geplant.”